Vlottende activa
Voorraden
Overzicht voorraden
De in de balans opgenomen voorraden worden uitgesplitst naar de volgende categorieën:
(x € 1.000) | 31-12-2024 | 31-12-2025 |
|---|---|---|
Grond- en hulpstoffen | 14 | 14 |
Onderhanden werk, waaronder bouwgronden in exploitatie | 19.765 | 32.686 |
Gereed product en handelsgoederen | 1.266 | 338 |
Voorraden | 21.045 | 33.037 |
Toelichting onderhanden werk, waaronder bouwgronden in exploitatie
De balanspost ‘Onderhanden werk’ heeft per ultimo 2025 een saldo van € 32,69 miljoen. Binnen deze post zijn onder andere begrepen de in exploitatie genomen gronden. De boekwaarde hiervan bedroeg ultimo 2024 € 24,75 miljoen. Deze balanspost betreft de grondexploitaties waarbij de gemeente de in bezit zijnde grond en (eventueel) aanwezige opstallen omvormt naar bouwrijpe grond, met als oogmerk (opnieuw) te worden bebouwd. Ultimo 2025 was de boekwaarde van deze grondexploitaties € 38,39 miljoen (dit vóór aftrek van voorziening verliesgevende planexploitaties) en is met € 13,64 miljoen toegenomen. Dit is onder andere veroorzaakt doordat er voor projecten dit jaar kosten zijn gemaakt (grondaankoop, kosten voorbereiding en bouw- en woonrijp maken van de grond), waartegenover in een later jaar opbrengsten worden gerealiseerd door verkoop van deze bouw- en woonrijp gemaakte kavels en overige grondverkopen.
Ook dit jaar zijn de prospecties van de grondexploitaties herijkt. De verwachte eindwaarde van de bouwgronden in exploitatie bedraagt circa € 52,84 miljoen en de verwachte netto contante waarde circa € 44,71 miljoen. In de prospecties (toekomstige opbrengsten) zijn een aantal verliesgevende exploitaties naar voren gekomen. Hiervoor is een voorziening gevormd. De voorziening verliesgevende grondexploitaties (stand per 31-12-2025 € 9,1 miljoen) wordt in mindering gebracht op de boekwaarde. De voorziening is contant gemaakt met de wettelijk voorgeschreven disconteringsvoet van 2%. De voorziening zal in de komende jaren jaarlijks minimaal met de rentecomponent verhoogd worden om aan het einde van de looptijd het verwachte verlies te kunnen afdekken.
Bedragen * € 1.000
Verloop- | 1-1-2025 | Vermeer-deringen | Vermind- | 31-12-2025 | Geraamde | Geraamde | Verwacht | NCW |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Bouwgronden in exploitatie | 24.752 | 90.195 | 76.560 | 38.387 | 448.435 | 539.664 | -52.842 | -44.713 |
De resultaten die uiteindelijk werkelijk worden behaald, worden beïnvloed door vele factoren, waaronder conjunctuur, marktontwikkelingen en overheidsbeleid. Om eventuele risico’s in dit kader te kunnen opvangen is bij de herijking een berekening gemaakt van de benodigde weerstandscapaciteit. Hierbij zijn de specifieke projectrisico’s en marktrisico’s benoemd en gekwantificeerd. Bij de marktrisico’s is daarbij rekening gehouden met mogelijke rentestijging, opbrengstdaling en vertraging. Het totale weerstandsvermogen (zie paragraaf weerstandsvermogen) van de gemeente is voldoende om de ingeschatte benodigde weerstandscapaciteit van € 38,3 miljoen op te kunnen vangen (zie paragraaf grondbeleid voor meer toelichting en de ingerekende scenario's in het weerstandsvermogen).
Tussentijds winstnemen
Conform de BBV-regelgeving moet uit lopende grondexploitaties tussentijds winst worden genomen op basis van het actuele verwachte resultaat en het gerealiseerde voortgangspercentage. Wanneer het verwachte resultaat daalt, moet eerder genomen winst (gedeeltelijk) worden teruggestort. Om dit risico te beperken, is in 2024 de Reserve Onzekere Winsten ingesteld. Per project wordt beoordeeld of de verplicht te nemen ‘onzekere winst’ hoger is dan de projectspecifieke risico’s. Is dit het geval, dan wordt die winst als ‘zeker’ aangemerkt en vrijgegeven aan de afgesproken bestemmingen. In 2025 is € 1,11 miljoen teveel genomen winst teruggestort in grondexploitaties en daarnaast is een onzekere winst van € 2,15 miljoen uit grondexploitaties onttrokken en gestort in de reserve onzekere winsten. Uit dezelfde reserve is tevens een resultaat van € 2,08 miljoen onttrokken welke is bestemd op basis van besluitvorming.
Toelichting gereed product en handelsgoederen
Onder gereed product en handelsgoederen zijn panden opgenomen die voor verkoop bestemd zijn. De boekwaarde van deze panden is conform BBV regels bij de bestemming tot verkoop overgegaan van materieel vast actief naar voorraden.
Ultimo 2025 bedraagt de balanspositie afgerond € 0,4 miljoen.
- Eén pand is van de verkooplijst afgehaald een ingebracht in een grondexploitatie. De boekwaarde van de voorraad is hierdoor met € 908.000 verlaagd.
- Op de panden vindt nog steeds afschrijving plaats. Hierdoor is de balanswaarde handelsvoorraden gedaald met € 22.000
Als de boekwaarde van de panden wordt afgezet tegen de verwachte opbrengstwaarde, dan is het niet nodig om een afwaardering toe te passen.
Verloop- | Boekwaarde 1-1-2025 | Inbreng in grond | Investering | Desinvestering (verkoop) | Afschrijving | Boekwaarde 31-12-2025 | ||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Gereed product en handels-goederen | 1.266 | -908 | 0 | -22 | 338 | |||
Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar
Overzicht uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar
De uitzettingen met een looptijd van 1 jaar of minder worden als volgt gespecificeerd:
(x € 1.000) | 31-12-2024 | herrubricering | 1-1-2025 | 31-12-2025 |
|---|---|---|---|---|
Vorderingen op openbare lichamen | 74.562 | 95 | 74.657 | 80.571 |
Uitzettingen in 's Rijks schatkist met een rentetypische looptijd korter dan één jaar | 15.784 | -0 | 15.784 | -0 |
Rekening-courantverhoudingen met niet-financiële instellingen | 969 | -0 | 969 | 1.396 |
Overige vorderingen | 35.112 | -85 | 35.027 | 28.136 |
Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar | 126.426 | 10 | 126.436 | 110.103 |
Toelichting correctie beginbalans
Vanwege de analyse die is gedaan bij de overgang naar het nieuwe financiële pakket heeft in de beginbalans een verschuiving plaatsgevonden van € 85.000 tussen Vorderingen op openbare lichamen en Overige vorderingen vanwege foutieve rubricering van een aantal debiteuren. Daarnaast is een in het ver verleden ontstaan verschil van € 10.000 in het debiteurensaldo van de Vorderingen op openbare lichamen gecorrigeerd. Tezamen met de correctieboeking op het crediteurensaldo van € 20.000 resulteert dit in een toename van het balanstotaal per 1 januari 2025 van € 10.000.
Toelichting vorderingen op openbare lichamen
Het saldo van de vorderingen op openbare lichamen bedroeg ultimo 2025 € 80,6 miljoen (toename van € 6,0 miljoen ten opzichte van 2024). Dit saldo bestaat voor € 2,5 miljoen uit vorderingen op gemeenten, voor € 0,7 miljoen uit vorderingen op gemeenschappelijke regelingen en voor € 77,4 miljoen uit vorderingen op overige overheden. De vorderingen op overige overheden van € 77,4 miljoen bestaan onder andere uit openstaande debiteurenposten (€ 10,0 miljoen), te verrekening BTW compensatiefonds (€ 63,5 miljoen) en vooruitbetaalde bedragen aan openbare lichamen (€ 3,1 miljoen).
Toelichting op schatkistbankieren
De liquide middelen van de gemeente, die verplicht gestald worden bij de schatkist, zijn fors afgenomen in 2025 door diverse grote verwervingen en investeringen in immateriële en materiële vaste activa.
Schatkistbankieren | kw1 | kw2 | kw3 | kw4 |
|---|---|---|---|---|
Limiet (norm) | 11,5 | 11,5 | 11,5 | 11,5 |
Gemiddeld saldo op bankrekeningen | 3,5 | 1,0 | 1,2 | 1,3 |
Toelichting overige vorderingen
Algemeen
Eind 2025 was de stand van de overige vorderingen afgerond € 34,1 miljoen. Dit is opgebouwd uit 3 soorten vorderingen, namelijk cliëntdebiteuren, belastingdebiteuren en overige debiteuren. Inzake deze vorderingen is de inschatting dat niet alle bedragen ontvangen zullen worden. We corrigeren daarom de boekwaarde met een bedrag voor verwachte oninbaarheid (voorziening dubieuze debiteuren) van in totaal afgerond € 6,0 miljoen. Dit resulteert in een balanswaarde van € 28,1 miljoen. Deze voorziening dubieuze debiteuren wordt voor de drie componenten afzonderlijk bepaald. Onderstaand overzicht toont per component de boekwaarde eind 2025, de getroffen voorziening en de balanswaarde per 31-12-2025.
(x € 1.000) | Totaal debiteuren | Voorziening | Te ontvangen | Totaal debiteuren | Voorziening | Te ontvangen |
|---|---|---|---|---|---|---|
Cliëntdebiteuren | 10.442 | 4.311 | 6.130 | 10.812 | 4.251 | 6.561 |
Belastingdebiteuren | 10.182 | 1.121 | 9.061 | 5.042 | 1.301 | 3.741 |
Overige debiteuren | 20.941 | 1.021 | 19.920 | 18.326 | 492 | 17.834 |
Totaal overige vorderingen | 41.564 | 6.452 | 35.112 | 34.180 | 6.044 | 28.136 |
Cliëntdebiteuren
Het saldo van de cliëntdebiteuren is licht gestegen ten opzichte van 2024 (naar circa € 10,8 miljoen). De voorziening bedroeg eind 2024 € 4,3 miljoen. Na een onttrekking in 2025 van € 0,8 miljoen. is na herberekening een dotatie nodig van € 0,7 miljoen, waardoor de voorziening eind 2025 op € 4,2 miljoen uitkomt.
De vorderingen op cliëntdebiteuren ontstaan vanuit diverse soorten inkomensregelingen. De belangrijkste oorzaken zijn: terugvorderingen, fraudevorderingen, boetes en geldleningen. De reden voor de lichte toename van het saldo is met name omdat de maandelijkse eigen bijdrage van de Oekraïners is verwerkt in het debiteurensaldo. Dit is ook de belangrijkste reden van de toename van de opgeboekte vorderingen en de stijging van de ontvangsten.
Een andere reden voor de toename van de opgeboekte vorderingen zijn de voortgangsgesprekken. Daarmee zijn we in 2025 gestart en in een aantal gevallen leidt dit tot een beëindiging van de uitkering waarbij sprake is van terugvordering. De afboekingen zijn gedaald ten opzichte van voorgaand jaar. Dit wordt veroorzaakt door het feit het bestand flink is opgeschoond als gevolg van het nieuwe debiteurenbeleid dat in 2024 is ingegaan.
We vormen een voorziening voor deze debiteuren omdat er een risico bestaat op oninbaarheid. Voor de berekening van de voorziening cliëntdebiteuren wordt rekening gehouden met het soort regeling. Elke regeling kenmerkt zich door eigen wet- en regelgeving, wat van invloed is op de berekening van de voorziening cliëntdebiteuren. De systematiek voor het bepalen van het oninbaarheidspercentage is niet gewijzigd t.o.v. 2024. Er is een percentage gehanteerd omdat, gezien het grote aantal kleine(re) vorderingen, een voorziening economisch-rationeel niet te bepalen is door een beoordeling van de individuele vorderingen. Aan de hand van een gewogen gemiddeld percentage wordt naar aanleiding van de werkelijke stand van zaken in de financiële administratie de waardering en de voorziening van cliëntdebiteuren bepaald.
Belastingdebiteuren
De vorderingen op de belastingdebiteuren zijn opgebouwd uit openstaande belastingaanslagen voor gemeentelijke belastingen. Eind 2025 bedraagt de boekwaarde € 5,0 miljoen. Een afname van € 5,1 miljoen ten opzichte van eind 2024. De afwijking op de belastingdebiteuren wordt veroorzaakt doordat een incassotape van € 5,1 miljoen begin 2025 is verwerkt in plaats van in 2024, vanwege de overgang naar een nieuw financieel systeem. Dit zorgde voor een hogere boekwaarde eind 2024.
Op het openstaand saldo is een voorziening voor verwachte oninbaarheid getroffen van € 1,3 miljoen. Voor deze schatting is gebruik gemaakt van de ervaringscijfers uit het verleden (feitelijke oninbaarheid afgezet tegen de oorspronkelijke vorderingen). Er is een percentage gehanteerd omdat, gezien het grote aantal kleine(re) vorderingen, een voorziening economisch-rationeel niet te bepalen is door een beoordeling van de individuele vorderingen.
De voorziening is in 2025 met afgerond € 0,2 miljoen toegenomen. Deze mutatie laat zich verklaren door een inzet op oninbare posten in 2025 (- € 0,3 miljoen) en een aanvullende storting van de voorziening op basis van de beoordeling per jaareinde ( € 0,5 miljoen).
Overige debiteuren
Het totaal openstaand saldo overige debiteuren 31-12-2025 bedraagt € 26 miljoen, waarvan € 12,4 miljoen vorderingen op openbare lichamen, die niet risicodragend zijn.
Overige debiteuren (x € 1 miljoen) | Saldo | Saldo | 2024 versus 2025 |
|---|---|---|---|
Vorderingen op openbare lichamen | 14,9 | 12,4 | -2,5 |
Overige debiteuren | 18,5 | 13,6 | -4,9 |
Totaal | 33,4 | 26,0 | -7,4 |
Openstaande overige debiteuren 31-12-2025 (x € 1 miljoen) | > 1 jr | < 1 jr | Totaal |
|---|---|---|---|
Vorderingen op openbare lichamen | 0,1 | 12,3 | 12,4 |
Overige debiteuren | 2,5 | 11,1 | 13,6 |
Totaal openstaande overige vorderingen 31-12-2025 | 2,6 | 23,4 | 26,0 |
Voorziening dubieuze debiteuren | Saldo | Saldo | 2024 versus 2025 |
|---|---|---|---|
Voorziening dubieuze debiteuren | -1,02 | -0,49 | -0,53 |
De mutatie in de voorziening dubieuze debiteuren wordt vastgesteld op basis van de openstaande vorderingen. In 2025 neemt de voorziening af met € 530.000. Conform de in reeds voorgaande jaren gehanteerde gedragslijn wordt de berekening uitgevoerd met een risicomatrix, waarbij debiteuren via de dynamische methode in risicoklassen worden ingedeeld. Hiermee kunnen de vorderingen zowel in totaliteit als op detailniveau worden beoordeeld, wat een solide basis biedt voor een toereikende voorziening. Deze systematiek draagt eraan bij dat het financiële risico voor de gemeente beheersbaar en inzichtelijk blijft.
Naast de berekende storting/onttrekking voor een toereikende voorziening per ultimo 2025 wordt de voorziening lopende het jaar gemuteerd (oninbaar en vrijval) conform formele besluitvorming en het daarvoor geldende mandaat.
De verhouding voorziening dubieuze debiteuren versus openstaande vorderingen bedraagt afgerond 1,9%, tegen ruim 3,15% in 2024. Hieruit kan geconcludeerd worden dat het betaalgedrag en het invorderingsproces van onze debiteuren is verbeterd.
Liquide middelen
Overzicht liquide middelen
(x € 1.000) | 31-12-2024 | herrubricering | 1-1-2025 | 31-12-2025 |
|---|---|---|---|---|
Liquide middelen (kas- en banksaldi) | 9.589 | 1 | 9.590 | 1.110 |
Liquide middelen | 9.590 | -0 | 9.590 | 1.110 |
Het saldo van de liquide middelen bestaat uit de kas- en banksaldi per 31-12-2025.
Overlopende activa
Overzicht overlopende activa
De balanspost overlopende activa wordt als volgt onderscheiden:
(x € 1.000) | 31-12-2024 | 31-12-2025 |
|---|---|---|
De van Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel: | ||
- Europese overheidslichamen | 270 | 165 |
- het Rijk | 2.950 | 4.240 |
- overige Nederlandse overheidslichamen | 4.993 | 7.851 |
Overige nog te ontvangen bedragen en de vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen | 36.062 | 56.723 |
Overlopende activa | 44.276 | 68.979 |
Toelichting op de van Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel
Onderstaand overzicht geeft een beeld van de nog te ontvangen inkomende geldstromen (subsidies) van projecten die mede gefinancierd worden door Europa, het Rijk en overige Nederland. De te ontvangen bedragen worden jaarlijks, volgens een vastgesteld methodiek, toegerekend naarmate de subsidiabele uitgaven worden gerealiseerd.
bedragen x € 1.000 | Het saldo aan het begin van het begrotingsjaar 2025 | Toevoegingen | Ontvangen bedragen | Het saldo aan het einde van het begrotingsjaar 2025 |
|---|---|---|---|---|
Europese overheidslichamen | 270 | 352 | 457 | 165 |
SISA C98 CitCom.ai | 20 | 30 | 51 | 0 |
EnergyMEASURES | 44 | -14 | 30 | 0 |
Heat Insyde H2020 CI LEIT | 7 | 5 | 0 | 12 |
DIGITAL-2021-EDIH-01 | 0 | 25 | 20 | 5 |
Weerbaar Dommelland | 73 | 37 | 109 | 0 |
European City Facilities EUCF call 5 | 21 | 0 | 21 | 0 |
NextGen YouthWork Urbact | 100 | 274 | 226 | 148 |
Netco | 5 | -5 | 0 | 0 |
het Rijk | 2.950 | 3.203 | 1.913 | 4.240 |
SISA B2 Gemeentelijke hulp gedupeerden Toeslagenprobl. | 1.442 | 1.972 | 1.442 | 1.972 |
SISA C62 Kwijtsch.gemeent.belast.gedup.toeslagenaffaire | 22 | 0 | 17 | 5 |
SISA E3.1 Sanering Verkeerslawaai | 432 | 0 | 0 | 432 |
SISA E3.3 Sanering Verkeerslawaai (E3.4 in 2021) | 103 | 0 | 0 | 103 |
SISA E3.4 Sanering Verkeerslawaai | 40 | 0 | 0 | 40 |
SISA E53.1 SPUKSLA 21 Meetnet ILM2.0 01258528 E53 | 100 | 0 | 100 | 0 |
SISA E53.7 SPUKSLA IV 02973418 Masterclass Luchtkw. | 0 | 14 | 0 | 14 |
SISA E53.8 SPUKSLA 02973695 Infoloket elektr.taxi | 0 | 7 | 0 | 7 |
SISA E53.10 Schone lucht akkoord 2023 | 0 | 15 | 0 | 15 |
SISA E53.11 SPUKSLA-23-03447703 laadpleinen | 0 | 8 | 0 | 8 |
SISA E53.12 Netwerk en Stim.campagne Deelmobiliteit | 17 | 0 | 0 | 17 |
SISA E53.13 SpUKSLA-23-03447776 nul emissie zone | 0 | 8 | 0 | 8 |
SISA E53.16 SPUKSLA 23 03586403 E53 | 0 | 13 | 0 | 13 |
SISA G12 hersteloperatie kinderopvangtoeslagaffaire | 17 | 1 | 0 | 18 |
SISA G2 gederfde baten kinderopv.toeslagaffaire | 145 | 0 | 0 | 145 |
SISA G3 kapitaalverstrekking 2021 | 0 | 43 | 0 | 43 |
SISA G4 TOZO kinderopvangtoeslagenaffaire | 30 | 0 | 0 | 30 |
SISA H12 Uitvoeringsbudg Lokale Preventieakkoorden | 136 | -136 | 0 | 0 |
SISA H30 SPUK BREED GALA Versterken sociale basis | 1 | 0 | 1 | 0 |
SISA J17 Realisatiestimulans | 0 | 1.071 | 0 | 1.071 |
SISA M29 Coördinatie en 1e opvang Oekraïne | 13 | 0 | 13 | 0 |
Subsidie SIM 4 monumenten | 42 | -12 | 29 | 0 |
Subsidie SIM Catharinakerk | 107 | -39 | 69 | 0 |
Tijdelijke regeling aanvullende crisisdienstverlening COVID-19 (UWV) | 165 | 0 | 165 | 0 |
2024ESFp20214 Blijven ontwikkelen voor de toekomst | 72 | 60 | 0 | 131 |
Actualisatie MIRT onderzoek 2040 | 0 | 164 | 0 | 164 |
DIGITAL-2021-EDIH-01 | 0 | 25 | 20 | 5 |
DUMAVA Ateliergebouw / Ruysdaelbaan 106 | 36 | 0 | 36 | 0 |
Lokale Weerbaarheid Cybercrime | 20 | 0 | 20 | 0 |
Rijkssubsidie 910-500 uitwerking BO MIRT afspraken 2020 | 10 | -10 | 0 | 0 |
Overige Nederlandse overheidslichamen | 4.993 | 9.151 | 6.294 | 7.851 |
SISA E87b.1 Project National Zwemcentrum de Tongelreep | 0 | 30 | 0 | 30 |
RMT Zuidoost-Brabant 2024 (UWV) | 70 | 0 | 70 | 0 |
Ateliers en Makerspaces Brainport Eindhoven Regiodeal | 1.111 | 828 | 263 | 1.676 |
Reg.mob.prog Fietsenstalling Stationspl Z-I-103-2023 Zuid | 104 | 0 | 104 | 0 |
Urban Sport Route Regiodeal A.2.1.D | 11 | 34 | 27 | 18 |
SOK Internationale Knoop XL (PNB) | 23 | 147 | 0 | 169 |
Regio Deal Brainport Eindhoven project de Wielewaal | 0 | 2.879 | 1.704 | 1.175 |
Beter nutten van gezondheidspotentieel van burgers | 0 | 12 | 0 | 12 |
Bod B5 Natuurnetwerk Brabant III | 0 | 3 | 0 | 3 |
Stimulerings.subs.City Deal lokale Weerbaarheid Cybercrime | 0 | 10 | 0 | 10 |
ISE subsidie Brainport regiodeal | 0 | 320 | 0 | 320 |
MRE subsidie KTM 2 tbv Brainport Bereikbaar | 0 | 2.855 | 0 | 2.855 |
Internationale Knoop XL PNB | 564 | -564 | 0 | 0 |
Nationaal Zwemcentrum de Tongelreep | 1.900 | 1.096 | 1.492 | 1.505 |
PNB subsidie 910-500 uitwerking BO MIRT afspraken 2020 | 55 | 14 | 0 | 69 |
B20.91 Kunstroute-netwerk RegioDeal | 8 | 0 | 0 | 8 |
Bereikbaarheidsakkoord (BBA) | 1.148 | 1.487 | 2.635 | 0 |
- | - | - |
Toelichting overige nog te ontvangen bedragen en vooruitbetaalde bedragen ten laste van volgende begrotingsjaren
Overige nog te ontvangen bedragen
Overeenkomstig het BBV zijn de vorderingen inzake faciliterend grondbeleid onder de overige nog te ontvangen bedragen opgenomen en zijn deze uitgesplitst in verhaalbare (€ 14,3 miljoen) en verrekenbare (€ 0,6 miljoen) kosten. Totaal (€ 14,9 miljoen). Voor het gedeelte wat hiervan op basis van een prognose naar verwachting niet verhaalbaar zal zijn, is een verliesvoorziening gevormd (stand per 31-12-2025 € 4,0 miljoen) en hierop in mindering gebracht. Per saldo bedroeg het aandeel faciliterend grondbeleid afgerond € 10,9 miljoen.
De overige nog te ontvangen bedragen bedroeg ultimo 2025 € 30,1 miljoen (een toename van € 6,1 miljoen ten opzichte van 2024). Dit saldo bevat o.a. nog te ontvangen: toeristenbelasting € 5,0 miljoen, parkeeropbrengsten 2025 € 2,8 miljoen, Strijp S € 2,2 miljoen, dividenduitkering BIC 1 2025 € 1,6 miljoen, zorgkosten Jeugdzorgplus Zuidoost-Brabant € 1,3 miljoen, benzineverkooppunten € 1,3 miljoen, BTW 1,7 miljoen en OZB 2024 en 2025 € 0,9 miljoen.
Vooruitbetaalde bedragen
Het saldo vooruitbetaalde bedragen bedroeg ultimo 2025 € 15,7 miljoen (een toename van € 12,6 miljoen ten opzichte van 2024). Het saldo per ultimo 2025 betreft facturen welke op voorschot worden voldaan en waarvan de lasten betrekking hebben op het boekjaar 2026. Dit saldo bevat o.a. vooruitbetaalde kosten ICT (hardware en software) op basis van doorlopende contracten € 2,0 miljoen, vooruitbetaalde factuur gemeentelijke bijdrage 2026 Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost € 5,0 miljoen, vooruitbetaalde factuur PSM € 1,0 miljoen, verstrekte subsidie 2026 aan ROC Summa college € 1,0 miljoen, verstrekte subsidie 2026 Asielopvang € 0,9 miljoen, verstrekt voorschot Actiefzorg € 0,5 miljoen, verstrekt voorschot aan WIJEindhoven € 0,4 miljoen, verstrekt voorschot t.b.v. oprichting publiek energiebedrijf € 0,4 miljoen en rente op de erfpachtconstructie met PSV € 0,4 miljoen.