Begroting 2025 | Begroting 2025 | Realisatie 2025 | ||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Lasten | Baten | Saldo | Lasten | Baten | Saldo | Lasten | Baten | Saldo | ||||
Algemene dekkingsmiddelen: | ||||||||||||
Lokale heffingen waarvan de besteding niet gebonden is | 95.187 | 95.187 | 95.187 | 95.187 | 96.220 | 96.220 | ||||||
Algemene uitkeringen | 706.159 | 706.159 | 746.429 | 746.429 | 759.926 | 759.926 | ||||||
Dividend | 1.228 | 1.228 | 3.411 | 3.411 | 4.018 | 4.018 | ||||||
Saldo financieringsfunctie | 2.206 | 2.206 | -550 | -550 | 91 | 91 | ||||||
Overige algemene dekkingsmiddelen | 4.262 | 4.262 | 4.073 | 4.073 | 4.073 | 4.073 | ||||||
Onvoorzien | 250 | 250 | 79 | - | 79 | - | - | |||||
Totaal algemene dekkingsmiddelen | 250 | 809.042 | 809.292 | 79 | 848.550 | 848.629 | - | 864.328 | 864.328 | |||
Bedrag van de heffing voor de vennootschapsbelasting | - | - | - | 1.550 | - | 1.550 | 1.871 | 1.871 | ||||
Totaal saldo van baten en lasten | 1.213.707 | 1.194.397 | -19.310 | 1.424.324 | 1.374.577 | -49.747 | 1.341.109 | 1.369.031 | 27.922 | |||
Toevoegingen en onttrekkingen aan reserves | 42.995 | 62.305 | 19.310 | 133.324 | 188.717 | 55.393 | 166.128 | 174.357 | 8.228 | |||
Het gerealiseerde resultaat | 1.256.702 | 1.256.702 | - | 1.557.648 | 1.563.294 | 5.646 | 1.507.238 | 1.543.388 | 36.150 | |||
De algemene dekkingsmiddelen zijn verwerkt in het ‘overzicht baten en lasten’ in de jaarrekening. De baten lokale heffingen maken onderdeel uit van de taakvelden 0.61 OZB woningen, 0.62 OZB niet woningen en 0.64 belastingen overig. De overige dekkingsmiddelen zijn begroot en gerealiseerd binnen de taakvelden 0.5 treasury, 0.7 algemene uitkering en overige uitkeringen gemeentefonds en 0.8 overige baten en lasten.
Toelichting algemene dekkingsmiddelen
De algemene dekkingsmiddelen vormen de basis om de uitgaven in het kader van de verschillende programmaonderdelen te dekken. In het voorgaande overzicht is aangegeven uit welke onderdelen deze algemene dekkingsmiddelen bestaan. Hieronder volgt voor de belangrijkste onderdelen een toelichting op het verschil tussen het in 2025 begrote en gerealiseerde bedrag.
Lokale heffingen waarvan de besteding niet gebonden is
Het totaal van de lokale heffingen waarvan de besteding niet gebonden is bedraagt € 96,2 miljoen. De afwijking van € 1,0 miljoen wordt met name verklaard door een te voorzichtige waarderaming voor de niet-woning objecten en doordat er een aantal grotere objecten in aanbouw pas als afgerond naar boven kwamen bij de eindejaarscontrole
Algemene uitkeringen
De algemene uitkering 2025 is conform bestendige gedragslijn gebaseerd op: de accressen op basis van de septembercirculaire, alle overige mutaties op basis van de decembercirculaire en alles wat officieel in latere circulaires wordt toegekend met betrekking tot 2025 wordt een nagekomen bate in een volgend rekeningjaar.
De uitkeringen uit het gemeentefonds zijn € 18,0 miljoen hoger dan geraamd. Dit komt door actualisering van de verdeelmaatstaven (€ 11,2 miljoen), aanpassing accressen (€ 9,2 miljoen), overig (€ 1,4 miljoen) en de actualisatie van het BCF-plafond (- € 3,8 miljoen). Voor het uitkeringsjaar 2025 hebben we bij de decembercirculaire onder meer
geld gekregen voor compensatie medewerkers sociaal ontwikkelbedrijven, tijdelijke voorziening bed, bad en brood en versterking regie volkshuisvesting (€ 3,2 miljoen). Dit geld is gestort in de reserve circulaires gemeentefonds om besteding in 2025 mogelijk te maken.
Dividend
In 2025 is € 3,4 aan inkomsten uit dividend begroot. Het werkelijk uitgekeerde dividend en teruggave dividendbelasting bedroeg € 4,0 miljoen bestaande uit ontvangsten van BIC 1 ( € 1,6 miljoen) Eindhoven Airport (€ 1,5 miljoen), BNG (€ 366.000) en Enexis (€ 17.000) en een terugstorting van dividendbelasting (€ 541.000).
Saldo financieringsfunctie
Het gerealiseerde renteresultaat is € 0,1 miljoen positief. De voordelige afwijking ten opzichte van de gewijzigde begroting is met name het gevolg van lagere externe rentelasten door achterblijvende uitgaven in de afgelopen jaren.
Overige algemene dekkingsmiddelen
De commissie BBV heeft in 2016 de berekening van de interne rente exact voorgeschreven. De rentekosten worden omgeslagen over de activa die integraal zijn gefinancierd. In de begroting 2025 is de interne rekenrente en rekenrente op reserves en voorzieningen vastgesteld op 1,0%. Gedurende het jaar is berekend of de doorbelaste rentelasten in de realisatie niet meer dan 25% afwijken van de werkelijke netto rentelasten, met een te positief renteresultaat tot gevolg. Om hieraan te voldoen is de rente op reserves en voorzieningen nacalculatorisch verlaagd naar 0,7%. Daardoor valt het gerealiseerde renteresultaat op het taakveld treasury binnen de in de BBV notitie gedefinieerde bandbreedte. De verlaging van het rentepercentage op reserves en voorzieningen leidt tot lagere lasten en daarmee een hoger renteresultaat, maar gemeentebreed is de wijziging per saldo resultaatneutraal. Over facilitaire grondexploitaties (kostenverhaal) dient verplicht een afwijkende berekening van het rentepercentage te worden toegepast. Dit rentepercentage is bij de begroting vastgesteld op 1,0%, maar is in de loop van het jaar bijgesteld naar 1,6% op basis van de werkelijke boekwaarde per 1-1-2025 en de gerealiseerde rentelasten over 2025. Daarmee is voldaan aan de eis van het BBV.
Onvoorzien
In de begroting 2025 is € 250.000 opgenomen voor onvoorziene lasten en voor niet begrote uitgaven die onvoorzien, onvermijdbaar en onuitstelbaar (O-O-O) zijn. Er is in 2025 € 171.000 vanuit het budget onvoorzien ingezet voor de huldiging en het kampioensfeest van PSV.
Bedrag van de heffing voor de vennootschapsbelasting
De verwachte VPB last 2025 is begroot op een bedrag van € 1,6 miljoen. Jaarlijks schatten we de geprognosticeerde belastbare winst en de hieruit volgende VPB verplichting in. De te verantwoorden last over 2025 bedraagt € 1,9 miljoen en bestaat uit de ingeschatte belastbare winst 2025 en effecten over de voorgaande jaren.
Toevoegingen en onttrekkingen aan reserves
De in 2025 gerealiseerde toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves zijn toegelicht in de toelichting op de balanspost reserves in paragraaf 4.2.1. In hoofdstuk 2 zijn de afwijkingen ten opzichte van de begroting per taakveld toegelicht.